Eindtoets A2
Twintig vragen over de grammatica van het niveau, één dictee, één keer hardop lezen en één tekst schrijven. De drempel om naar B1 te gaan is 80% voor de grammatica (16 van de 20). Het dictee wordt per woord nagekeken, maar telt niet mee voor de drempel; hardop lezen en schrijven krijgen geen cijfer.
Grammatica: twintig vragen
1–5. Invuloefening: tijden.
- you (see) that film yesterday?
- I (read) when the phone rang
- I (already / finish) my work
- I (live) here for five years
- you ever (be) to Italy?
Toon de antwoorden
6–9. Invuloefening: Present Perfect of Past Simple.
- I (work) in a hotel in 2019
- I (work) for three companies — ervaring
- He (move) to London in 1990
- She (write) four books — ze leeft nog
Toon de antwoorden
10–13. Invuloefening: modale werkwoorden en beleefdheid.
- You smoke here — het mag niet
- You come tomorrow — het hoeft niet
- you help me, please? — beleefd
- You look tired. You rest
Toon de antwoorden
14–16. Invuloefening: vergelijken en hoeveelheid.
- This bag is (cheap) than that one
- Amsterdam is (big) city in the Netherlands
- I have work today — veel
Toon de antwoorden
17–20. Foutopsporing.
- If it will rain, I'll stay at home.
- The man which works here is my brother.
- He said me that he was busy.
- Did you used to live here?
Toon de antwoorden
Dictee
Zes zinnen op gehoor:
Did you have a good weekend? / I was reading when the phone rang. / I've lived here for five years. / If it rains, I'll stay at home. / I used to live near the sea. / He told me that he was busy.
Hardop lezen
I was born in a small town near the sea and I used to go to the beach every evening. I moved to Amsterdam in 2014, so I have lived here for twelve years. I have worked for two companies. I worked in a hotel from 2018 to 2020 and left when it closed. If I have time next summer, I'll go back to my town for a week.
Wat er op A2 is behandeld
De hele verleden tijd met did, Past Continuous, Present Perfect met vier signaalwoorden, ervaring en duur, een eerste kennismaking met het verschil met de Past Simple, de vergrotende en de overtreffende trap, drie manieren om over de toekomst te praten, must / have to / should, hoeveelheid, samengestelde woorden met some/any/no, bijwoorden, het lidwoord bij aardrijkskundige namen, beleefde verzoeken met could, de lijdende vorm in vaste uitdrukkingen, de -ing-vorm en de infinitief na werkwoorden, phrasal verbs, It takes, betrekkelijke bijzinnen, voorwaardelijke zinnen van type 0 en type 1, used to, de indirecte rede om te herkennen, brieven in twee registers. Negentig onregelmatige werkwoorden.
Volgende: B1 #1 — vertellen wat er vóór iets anders gebeurde. Daar komen de Past Perfect en de overige onregelmatige werkwoorden bij.
Einde van de kern
De les telt als voltooid zodra de oefeningen zijn gedaan. Alles daarna is optioneel.
optioneel
Schrijven
Een brief aan een vriend van 10–12 zinnen: wat er nieuw is bij jou, wat je afgelopen weekend hebt gedaan, welke plannen je hebt, en een uitnodiging.
Oefen deze les in de andere secties
Heb je een idee voor een functie?
⚑ optioneel