Grammatica ~20 min van de kern over

Zeggen hoe vaak

Na deze les kun je

Ik kan zeggen hoe vaak ik iets doe, en twee zinnen tot één zin verbinden.

Start de les Kern 18–20 min · stappen: 6 · optioneel: +2

Opgegeven kerntijd. Twee van de kernblokken hebben geen tijdsaanduiding, dus de echte les duurt langer dan deze som.

Grammatica

4 min

Bijwoorden van frequentie — en het belangrijkste daaraan is niet de betekenis, maar de plaats.

always usually often sometimes never
altijd meestal vaak soms nooit

Er is één regel voor de plaats, maar hij heeft twee helften:

  • vóór het hoofdwerkwoord: I always get up at seven.
  • na het werkwoord be: I am always late.

never is op zichzelf al een ontkenning — er komt geen tweede don't naast: I never work on Sunday, en niet I don't never work.

Hoe vaak? — How often do you…?

Drie voegwoorden die zinnen aan elkaar plakken:

voegwoord wat het doet voorbeeld
and verbindt I work and I study.
but stelt tegenover elkaar I like coffee, but I don't like tea.
because geeft de reden I get up late because I don't work.
Advertentie

Fouten van Nederlandstaligen

geschreven voor jouw taal
1

Het bijwoord direct na het werkwoord

✗ I go sometimes to the cinema

✓ I sometimes go to the cinema

In het Nederlands staat ‘soms’, ‘altijd’, ‘vaak’ achter de persoonsvorm: ‘ik ga soms naar de bioscoop’, ‘ik sta altijd om zeven uur op’. In het Engels staat het bijwoord vóór het hoofdwerkwoord. Bij be gaat het daarentegen vanzelf goed: ‘hij is altijd laat’ = he is always late.

2

much in plaats van a lot

✗ I work much

✓ I work a lot

Het Nederlandse ‘veel’ vertaal je makkelijk met much, maar in een gewone bevestigende zin zegt het Engels a lot.

Uitspraak

3 min

Voegwoorden zijn in vloeiende spraak zwak en kort:

geschreven klinkt als
and /ən/, vaak /n/
but /bət/
because /bɪˈkəz/, vaak /kəz/

fish and chips klinkt als ‘fisjn tsjips’ — dat is geen slordigheid, maar de norm.

Advertentie

Tekst

3 min

I usually get up at seven, but on Sunday I get up at ten. I always have breakfast because I work until six. I sometimes go to the cinema in the evening. I never work at night.

Hardop lezen

Oefeningen

8–10 min

1. Woordvolgorde.

  1. [ always / I / get up / at seven ]
  2. [ is / he / late / never ]
  3. [ sometimes / we / work / on Saturday ]
Toon de antwoorden
I always get up at seven. He is never late. We sometimes work on Saturday.

2. Invuloefening.

  1. I like tea I don't like coffee
  2. I work I study
  3. I'm tired I work a lot
Toon de antwoorden
but, and, because.

3. Foutopsporing.

  1. I don't never work.
  2. I get up always early.
  3. He always is late.
Toon de antwoorden
I never work. / I always get up early. / He is always late.

4. Koppeloefening.

Bijwoord → hoe vaak. always, usually, sometimes, never → 0%, 100%, 50%, 80%

Toon de antwoorden
always 100%, usually 80%, sometimes 50%, never 0%.
Advertentie

Samenvatting

Behandeld

  • vijf bijwoorden van frequentie en hun plaats
  • het verbod op de dubbele ontkenning
  • de voegwoorden and
  • but
  • because

Volgende: les 12 — herhaling van de lessen 7–11.

Einde van de kern

De les telt als voltooid zodra de oefeningen zijn gedaan. Alles daarna is optioneel.

Les 12

optioneel

Woordenschat voor de kaartenset

12 woorden
  • always /ˈɔːlweɪz/ altijd
  • usually /ˈjuːʒuəli/ meestal
  • often /ˈɒfn/ vaak
  • sometimes /ˈsʌmtaɪmz/ soms
  • never /ˈnevə/ nooit
  • because /bɪˈkɒz/ omdat, want
  • but /bʌt/ maar
  • until /ənˈtɪl/ tot (in de tijd)
  • cinema /ˈsɪnəmə/ bioscoop
  • tired /ˈtaɪəd/ moe
  • a lot /ə ˈlɒt/ veel
  • tea /tiː/ thee

Schrijven

Vijf zinnen over je gewoonten, waarvan minstens één met but en één met because.

Voorbeeld

I usually get up at seven. I always have breakfast because I work until six. I sometimes go to the cinema, but I never work at night.

Checklist

Het concept is opgeslagen op dit apparaat
Advertentie

Heb je een idee voor een functie?

Vertel ons wat je hierna wilt zien — we lezen elk bericht.

Idee versturen →
Advertentie
Advertentie