Lastig punt ~15 min van de kern over

Herhaling 2 (lessen 7–11)

Start de les Kern 13–15 min · stappen: 3 · optioneel: +1

Opgegeven kerntijd. Twee van de kernblokken hebben geen tijdsaanduiding, dus de echte les duurt langer dan deze som.

Het blok onregelmatige werkwoorden geldt hier niet: de verleden tijd is er nog niet.

Lastig punt

3 min

an staat voor een klinker als KLANK, niet voor een klinker als letter. Het gaat erom hoe het woord klinkt, niet hoe het geschreven wordt.

an hour de h wordt niet uitgesproken, het woord begint met de klank /aʊ/
a university geschreven met u, maar het klinkt als /juː/ — dat is een medeklinker
an engineer /e/
a European country /jʊ/
an hour and a half beide gevallen in één zin
Advertentie

Oefeningen bij de lessen 7–11

10–12 min

1. Gemengde invuloefening.

  1. you speak English?
  2. He work on Sunday
  3. I a teacher
  4. she live in Amsterdam?
  5. They from Italy
  6. I like early mornings
Toon de antwoorden
Do, doesn't, am, Does, are, don't.

2. Foutopsporing.

  1. He work in a shop.
  2. You speak English?
  3. I speak well English.
  4. I get up always at seven.
  5. I don't never work.
  6. Does he works here?
Toon de antwoorden
He works in a shop. / Do you speak English? / I speak English well. / I always get up at seven. / I never work. / Does he work here?

3. Woordvolgorde.

  1. [ usually / at seven / I / get up ]
  2. [ you / do / in Amsterdam / live / ? ]
  3. [ doesn't / German / he / speak ]
Toon de antwoorden
I usually get up at seven. Do you live in Amsterdam? He doesn't speak German.

4. Koppeloefening.

  1. Do you work here
  2. It's half past seven
  3. Sometimes
  4. Does she speak
Toon de antwoorden
Do you work here → Yes, I do; What time → It's half past seven; How often → Sometimes; Does she speak → No, she doesn't.
Advertentie

Samenvatting

Behandeld: de lessen 7–11 in hun geheel. Volgende: les 13 — je woning beschrijven.

Einde van de kern

De les telt als voltooid zodra de oefeningen zijn gedaan. Alles daarna is optioneel.

Les 13

optioneel

Miniproductie

Vertel hardop en schrijf daarna zes à zeven zinnen op: waar je woont, wat voor werk je doet, hoe laat je opstaat, hoe vaak je iets doet, en hetzelfde over iemand uit je familie.

Checklist voor les 13:

  • staat er do of does in de vraag?
  • staat er -s na he, she, it, en GEEN -s na does/doesn't?
  • staat het bijwoord van frequentie vóór het hoofdwerkwoord en na be?
  • staat de handelende persoon vooraan, en staat er niets tussen werkwoord en lijdend voorwerp?
  • at voor een precies tijdstip, on voor een dag, in voor een deel van de dag?
Het concept is opgeslagen op dit apparaat
Advertentie

Heb je een idee voor een functie?

Vertel ons wat je hierna wilt zien — we lezen elk bericht.

Idee versturen →
Advertentie
Advertentie