Onregelmatige werkwoorden ~19 min van de kern over

Herhaling 5 (lessen 25–29)

Start de les Kern 17–19 min · stappen: 4 · optioneel: +1

Opgegeven kerntijd. Twee van de kernblokken hebben geen tijdsaanduiding, dus de echte les duurt langer dan deze som.

Onregelmatige werkwoorden

4 min

Nog tien vormen bij de twintig uit les 29:

eat → ate drink → drank write → wrote read → read /red/ run → ran
stand → stood sit → sat sleep → slept speak → spoke meet → met

read schrijf je in de verleden tijd hetzelfde als in de tegenwoordige tijd, maar je spreekt het anders uit: /riːd/ → /red/.

Advertentie

Lastig punt

3 min

one en ones vervangen een zelfstandig naamwoord dat al genoemd is, zodat je het niet twee keer hoeft te zeggen.

— Which bag? — The red one. Welke tas? — De rode.
— Which books? — The new ones. Welke boeken? — De nieuwe.
I don't like this shirt. I want a blue one. …ik wil een blauw.

In het Nederlands laat je het zelfstandig naamwoord gewoon weg (‘de rode’), maar in het Engels moet op die plek one of ones staan.

Oefeningen bij de lessen 25–29

10–12 min

1. Gemengde invuloefening.

  1. I (work) at home today
  2. I (work) in an office every day
  3. Yesterday I (walk) in the park
  4. Last summer we (go) to Italy
  5. It (rain) now
Toon de antwoorden
am working, work, walked, went, is raining.

2. Foutopsporing.

  1. I reading now.
  2. Today is it cold.
  3. You was at home.
  4. Yesterday I have worked at home.
  5. I goed to Italy.
  6. I went then home.
Toon de antwoorden
I am reading now; Today it's cold. / It's cold today; You were at home; Yesterday I worked at home; I went to Italy; Then I went home. / I then went home. / I went home then.

3. Vormen van de verleden tijd.

Schrijf op: go, see, buy, eat, write, sleep

Toon de antwoorden
went, saw, bought, ate, wrote, slept.

4. Koppeloefening.

  1. watched
  2. stopped
  3. lived
  4. opened
  5. wanted
  6. started
Toon de antwoorden
/t/ — watched, stopped; /d/ — lived, opened; /ɪd/ — wanted, started.
Advertentie

Samenvatting

Behandeld

  • de lessen 25–29 in hun geheel
  • dertig onregelmatige werkwoorden

Volgende: les 31 — data en verjaardagen.

Einde van de kern

De les telt als voltooid zodra de oefeningen zijn gedaan. Alles daarna is optioneel.

Les 31

optioneel

Miniproductie

Vertel hardop en schrijf daarna acht zinnen op: wat je nu doet, wat voor weer het is, waar je gisteren was, wat je in het weekend hebt gedaan en waar je vorige zomer naartoe bent gegaan.

Checklist voor les 31:

  • staat er in de duurvorm am, is of are?
  • heeft het weer het onderwerp it?
  • staat er bij you, we, they in de verleden tijd were?
  • is -ed bij regelmatige werkwoorden voor alle personen hetzelfde?
  • hebben onregelmatige werkwoorden helemaal geen -ed?
Het concept is opgeslagen op dit apparaat
Advertentie

Heb je een idee voor een functie?

Vertel ons wat je hierna wilt zien — we lezen elk bericht.

Idee versturen →
Advertentie
Advertentie