Grammatica ~21 min van de kern over

Zeggen wat al gedaan is

Na deze les kun je

Ik kan zeggen dat iets gedaan is en dat het resultaat nu te zien is.

Start de les Kern 19–21 min · stappen: 6 · optioneel: +2

Opgegeven kerntijd. Twee van de kernblokken hebben geen tijdsaanduiding, dus de echte les duurt langer dan deze som.

Grammatica

5 min

have / has + derde vorm van het werkwoord. Deze tijd gaat niet over een moment in het verleden, maar over het RESULTAAT dat er nu is.

I have finished my work. → I've finished. Ik ben klaar — het werk is af.
She has gone home. → She's gone. Ze is naar huis gegaan — ze is er niet.
Have you eaten? Heb je gegeten?
I haven't finished yet. Ik ben nog niet klaar.
Yes, I have. / No, I haven't. Kort antwoord.

Bij he, she, it — has, bij alle andere — have. De derde vorm haal je uit de tabel van les 1.

Het verschil met de verleden tijd zit in waar de mededeling over gaat:

Past Simple — wanneer Present Perfect — resultaat
I finished the work at five. I have finished the work. (klaar)
She went home an hour ago. She has gone home. (ze is er niet)

Als in de zin het TIJDSTIP van de gebeurtenis genoemd wordt (yesterday, at five, last week), kan de Present Perfect niet — dan is de Past Simple nodig. De volledige tegenstelling komt in les 20.

Vier woorden die bij de Present Perfect horen:

just — net, zojuist I've just finished.
already — al I've already eaten.
yet — al (in een vraag), nog (in een ontkenning); aan het eind Have you finished yet? / Not yet.
still — nog steeds (met een ontkenning) I still haven't finished.

just en already staan tussen have en de derde vorm.

Advertentie

Fouten van Nederlandstaligen

geschreven voor jouw taal
1

‘Is gegaan’ woord voor woord

✗ She is gone home

✓ She has gone home

(She's gone home). In het Nederlands vormen ‘gaan’ en ‘komen’ de voltooide tijd met ‘zijn’: ‘Ze is naar huis gegaan.’ Het Engels gebruikt bij alle werkwoorden have of has.

2

De Present Perfect met een tijdstip

✗ I have finished at five

✗ I have seen the film yesterday

✓ I finished at five

I saw the film yesterday. In het Nederlands is ‘Ik heb de film gisteren gezien’ heel gewoon. In het Engels sluit een genoemd tijdstip de Present Perfect uit — dezelfde regel als in A1 #27 en #28.

3

yet op de plaats van ‘al’

✗ Have you yet finished?

✓ Have you finished yet?

‘Ben je al klaar?’, ‘Heb je al gegeten?’: in het Nederlands staat ‘al’ midden in de zin, yet in het Engels aan het eind.

Uitspraak

3 min

's kan zowel is als has zijn — alleen wat erna komt maakt het verschil:

She's working. = she is (vóór -ing)
She's gone. = she has (vóór de derde vorm)

have en has zijn in de zinsstroom onbeklemtoond: /həv/, /həz/, en vaak zelfs /əv/, /əz/. I've finished klinkt als /aɪv ˈfɪnɪʃt/ — als één geheel.

Advertentie

Tekst

3 min

Have you finished the report?

Not yet. I've written two pages, but I still haven't finished.

Has Tom seen it?

No, he hasn't. He's gone home — he left at five.

And have you eaten?

Yes, I've just had lunch.

Hardop lezen

Oefeningen

8–10 min

1. Invuloefening.

  1. I (finish) my work
  2. She (go) home
  3. They (see) the film
  4. He (not / eat)
Toon de antwoorden
have finished, has gone, have seen, hasn't eaten.

2. Invuloefening.

  1. I've finished. (een minuut geleden)
  2. Have you eaten ?
  3. I've seen this film, thanks
  4. I haven't finished
Toon de antwoorden
just, yet, already, still.

3. Foutopsporing.

  1. She has went home.
  2. I have finished at five.
  3. Have you yet finished?
Toon de antwoorden
She has gone home. / I finished at five. / Have you finished yet?

4. Meerkeuze.

  1. `I my work.` (klaar, geen tijdstip genoemd)
  2. `I my work at five.`
Toon de antwoorden
have finished; finished.
Advertentie

Samenvatting

Behandeld

  • have/has + derde vorm
  • resultaat tegenover moment
  • just
  • already
  • yet
  • still

Volgende: les 4 — naar ervaring vragen.

Einde van de kern

De les telt als voltooid zodra de oefeningen zijn gedaan. Alles daarna is optioneel.

Les 40

optioneel

Woordenschat voor de kaartenset

12 woorden
  • finish /ˈfɪnɪʃ/ afmaken
  • already /ɔːlˈredi/ al
  • yet /jet/ al (in een vraag); nog (in een ontkenning)
  • just /dʒʌst/ net, zojuist
  • still /stɪl/ nog steeds
  • report /rɪˈpɔːt/ verslag, rapport
  • page /peɪdʒ/ bladzijde, pagina
  • lunch /lʌntʃ/ lunch
  • ready /ˈredi/ klaar
  • lost /lɒst/ verloor; kwijtgeraakt
  • forget /fəˈɡet/ vergeten
  • forgotten /fəˈɡɒtn/ vergeten (derde vorm van forget)

Schrijven

Vier zinnen over vandaag: wat al gedaan is en wat nog niet.

Voorbeeld

I've already finished two pages. I've just had lunch. I haven't written the report yet. Tom has gone home.

Checklist

Het concept is opgeslagen op dit apparaat
Advertentie

Heb je een idee voor een functie?

Idee versturen
Advertentie
Advertentie