‘Iemand’, ‘iets’ en ‘nergens’ zeggen
Ik kan iets zeggen over een onbekende persoon, een onbekend ding of een onbekende plaats, en een ontkenning goed opbouwen.
Opgegeven kerntijd. Twee van de kernblokken hebben geen tijdsaanduiding, dus de echte les duurt langer dan deze som.
Grammatica
5 minSamengestelde woorden bestaan uit twee delen: some / any / no / every + body / thing / where.
| persoon | ding | plaats | |
|---|---|---|---|
| some- | somebody, someone | something | somewhere |
| any- | anybody, anyone | anything | anywhere |
| no- | nobody, no one | nothing | nowhere |
| every- | everybody, everyone | everything | everywhere |
De keuzeregel is dezelfde als bij some en any in A1 #15:
| bevestigende zin | Somebody called you. / I saw something. |
| vraag | Is there anybody here? / Do you want anything? |
| ontkenning | I didn't see anybody. = I saw nobody. |
nobody, nothing, nowhere bevatten de ontkenning al, dus het werkwoord blijft bevestigend: I saw nothing, niet I didn't see nothing. Precies zoals ‘niemand’, ‘niets’ en ‘nergens’: ‘Ik heb niets gezien’ — één ontkenning per zin.
Het werkwoord erna staat altijd in het enkelvoud: Everybody is here, Nothing is ready. Net als ‘iedereen is er’ — denk bij everybody aan ‘iedereen’, niet aan ‘allemaal’.
Fouten van Nederlandstaligen
geschreven voor jouw taalsome- in een gewone vraag
‘Iemand’, ‘iets’ en ‘ergens’ zijn in een vraag dezelfde woorden als in een bevestigende zin: ‘Er heeft iemand gebeld’ — ‘Heeft er iemand gebeld?’. Daarom glipt some- ook in de vraag. Een gewone vraag krijgt any-: Did you see anybody?, Did they say anything? Een vraag met some- is geen fout, maar betekent dat je ‘ja’ verwacht of iets aanbiedt, zoals in A1 #15: Would you like something to drink?
-thing met een ‘t’ of ‘s’
something → ‘sumting’ of ‘sumsing’, nothing → ‘nutting’. Het Nederlands heeft geen /θ/, en het oor vervangt de klank door ‘t’ of ‘s’, net als in A1 #4. Het puntje van de tong tussen de tanden, zoals in three en thanks: /ˈsʌmθɪŋ/, /ˈnʌθɪŋ/, /ˈeniθɪŋ/, /ˈevriθɪŋ/.
Uitspraak
3 minDe klemtoon in samengestelde woorden valt op het EERSTE deel: SOMEbody, ANYthing, NOwhere, EVERYone.
Het tweede deel klinkt zwak: -body → /bədi/, -thing → /θɪŋ/ met dezelfde neusklank als in A1 #19.
Tekst
3 minSomebody called you this morning, but they didn't leave a message.
Did they say anything?
Nothing. I asked, but nobody answered.
Is there anybody in the office now?
No, everybody has gone home. There's nobody here.
I can't find my keys anywhere.
Oefeningen
8–10 min1. Invuloefening.
- called you this morning
- Is there in the office?
- has gone home — the office is empty
- I asked, but answered
Toon de antwoorden
2. Invuloefening.
- Did they say ?
- I saw interesting yesterday
- There is in the fridge — it's empty
Toon de antwoorden
3. Foutopsporing.
- I didn't see nobody.
- Everybody are here.
- I can't find my keys nowhere.
Toon de antwoorden
4. Koppeloefening.
- somewhere
- somebody
- something
Toon de antwoorden
Samenvatting
Behandeld
- samengestelde woorden met some- / any- / no- / every-
- de regel some / any / no
- het verbod op de dubbele ontkenning
- het enkelvoud na everybody
Volgende: les 15 — hoe je iets doet.
Einde van de kern
De les telt als voltooid zodra de oefeningen zijn gedaan. Alles daarna is optioneel.
optioneel
Woordenschat voor de kaartenset
12 woorden- anywhere /ˈeniweə/ ergens (vraag); nergens (na ‘not’)
- anybody /ˈenibədi/ iemand (vraag); niemand (na ‘not’)
- nobody /ˈnəʊbədi/ niemand
- everybody /ˈevribədi/ iedereen
- something /ˈsʌmθɪŋ/ iets
- anything /ˈeniθɪŋ/ iets (vraag); niets (na ‘not’)
- nowhere /ˈnəʊweə/ nergens
- everywhere /ˈevriweə/ overal
- message /ˈmesɪdʒ/ bericht
- key /kiː/ sleutel
- empty /ˈempti/ leeg
- ask /ɑːsk/ vragen
Schrijven
Vier zinnen over vanochtend, met vier verschillende samengestelde woorden.
Voorbeeld
Somebody called me this morning. They didn't say anything. There was nobody in the office at eight. Now everybody is here.
Checklist
Oefen deze les in de andere secties
Heb je een idee voor een functie?
⚑ optioneel