Grammatica ~55 min van de kern over

Een voorwerp beschrijven en een review schrijven

Na deze les kun je

Ik kan meerdere bijvoeglijke naamwoorden in de juiste volgorde zetten en ‘verveeld’ niet met ‘saai’ verwarren.

Start de les Kern 55 min · stappen: 6 · optioneel: +2

Opgegeven kerntijd. Twee van de kernblokken hebben geen tijdsaanduiding, dus de echte les duurt langer dan deze som.

Grammatica

16 min

Een review van een aankoop, een advertentie om iets te verkopen, de beschrijving van een verloren tas — overal moet je meerdere kenmerken van een voorwerp tegelijk noemen en zeggen welke gevoelens het opriep. Het Engels heeft daar twee hulpmiddelen voor: de volgorde van bijvoeglijke naamwoorden en het paar -ed en -ing.

De volgorde van bijvoeglijke naamwoorden. In het Nederlands voel je die volgorde vaak al aan: ‘een mooie oude houten tafel’ klinkt beter dan ‘een houten oude mooie tafel’. In het Engels ligt de volgorde vóór het zelfstandig naamwoord vast:

mening grootte leeftijd vorm kleur herkomst materiaal doel
lovely big old round brown Italian wooden dining table

De logica: hoe nauwer een kenmerk met het voorwerp zelf verbonden is, hoe dichter het bij het zelfstandig naamwoord staat. Een mening is wat jij denkt; daarover valt te twisten, dus die staat het verst weg. Grootte en leeftijd veranderen met de tijd. Kleur, herkomst en materiaal zijn al eigenschappen van het voorwerp zelf. En het doel smelt bijna samen met het zelfstandig naamwoord: dining table — ‘eettafel’, running shoes — ‘hardloopschoenen’. Twijfel je, vraag je dan af welk kenmerk het meest blijvend is. Dat komt het dichtst bij het zelfstandig naamwoord.

Welk kenmerk in welke groep. Het moeilijkst is een mening van een feit te onderscheiden. Een mening is iets waarover je kunt twisten: lovely, beautiful, ugly, comfortable, expensive, cheap, useful. Een feit is wat je ziet of kunt meten: grootte (big, tiny, long, tall), leeftijd (old, new, young), vorm (round, square), kleur. Herkomst en materiaal beantwoorden de vragen ‘waarvandaan?’ en ‘waarvan gemaakt?’: Italian, Swiss, wooden, leather. Het materiaal geef je vaak met een gewoon zelfstandig naamwoord zonder uitgang, waar het Nederlands een bijvoeglijk naamwoord op ‘-en’ heeft (‘een stenen huis’): a stone house, a gold ring, a wool coat. Zo ook het doel: a kitchen table, a sports bag. Zo'n zelfstandig naamwoord staat altijd als laatste, direct tegen het hoofdwoord aan: samen klinken ze bijna als één woord.

In de praktijk zet je zelden meer dan drie bijvoeglijke naamwoorden achter elkaar, maar binnen elk paar houd je de volgorde aan:

a small black handbag een klein zwart handtasje
a beautiful old house een mooi oud huis
an expensive Swiss watch een duur Zwitsers horloge
a long wooden table een lange houten tafel
a nice new leather jacket een mooi nieuw leren jasje

Komma en and. Twee bijvoeglijke naamwoorden die een mening geven, kun je met een komma scheiden: a lovely, comfortable sofa. Twee kleuren verbind je met and: a black and white photo. Staan de bijvoeglijke naamwoorden na het werkwoord, los van het zelfstandig naamwoord, dan is er tussen de laatste twee ook and nodig: The bag is small and black.

-ed en -ing. Veel bijvoeglijke naamwoorden over gevoelens komen in paren: bored en boring, interested en interesting, tired en tiring. De vorm op -ed zegt wat iemand voelt: er is iets op hem ingewerkt, en hij is moe, verrast, verveeld. De vorm op -ing zegt wat dat gevoel veroorzaakt: een film, een reis, een nieuwtje. Het Nederlands kent hetzelfde verschil: ‘verveeld’ en ‘vervelend’, ‘verrast’ en ‘verrassend’, ‘vermoeid’ en ‘vermoeiend’.

-ed — wat iemand voelt -ing — wat het gevoel veroorzaakt
I was bored. — Ik verveelde me. The lecture was boring. — De lezing was saai.
She's interested in art. The exhibition is interesting.
We were tired after the journey. The journey was tiring.
I was surprised by the price. The price was surprising.
He was confused. The instructions were confusing.
They were disappointed. The hotel was disappointing.

Daarbij horen ook excited — exciting, worried — worrying, annoyed — annoying (geïrriteerd — irritant), embarrassed — embarrassing (verlegen, opgelaten — gênant).

Ook een persoon kan de vorm op -ing krijgen, als hij zelf bij anderen een gevoel oproept: He's boring — ‘hij is saai’, She's an interesting person — ‘een interessant mens’.

Hoe controleer je het. Vraag je af: wie voelt hier iets? Ervaart het onderwerp zelf het gevoel — -ed: I was bored — ik verveelde me. Roept het bij anderen een gevoel op — -ing: The film was boring — de film was saai. Daarom krijgen een voorwerp, een plek of een gebeurtenis bijna altijd -ing: een film of een reis heeft geen gevoelens. -ed hoort bij mensen en dieren: The dog looks bored.

Met welke werkwoorden. Beide vormen staan niet alleen na be. Met get laat de vorm op -ed een verandering zien: I got bored after an hour. — ‘Na een uur begon ik me te vervelen.’ Met feel en look — hoe iemand zich voelt en eruitziet: I feel tired. You look worried. Vóór een zelfstandig naamwoord kunnen beide vormen: a tired child — ‘een moe kind’, a tiring day — ‘een vermoeiende dag’.

Vergelijk:

I'm bored. Ik verveel me.
I'm boring. Ik ben saai, met mij is het saai.

Beide zinnen zijn correct, maar ze zeggen iets anders. Haal je ze door elkaar, dan zeg je over jezelf niet wat je bedoelde.

Zo zeg je het niet. ✗ I'm interesting in history → ✓ I'm interested in history. De interesse voel je zelf, daarom is de vorm op -ed nodig; interesting zou zeggen dat jij interessant bent voor anderen, en daarna komt geen in.

Test jezelf. Hoe zeg je ‘Ik verveelde me tijdens de lezing’? Zet in de juiste volgorde: jacket, leather, black, a. Wat hoort in What a ___ day! — tired of tiring?

toon de antwoorden
I was bored at the lecture / I was bored during the lecture; a black leather jacket; tiring — een dag is niet moe, hij maakt anderen moe.
Advertentie

Fouten van Nederlandstaligen

geschreven voor jouw taal
1

‘Ik verveel me’ als I'm boring

‘Ik verveel me’ is I'm bored. I'm boring is correct Engels, maar betekent ‘ik ben saai’. In ‘ik verveel me’ zit geen bijvoeglijk naamwoord, dus je grijpt naar het woord dat je al kent: boring, ‘saai’. Zo ook ‘ik verveelde me op het feest’ — I was bored at the party.

2

Samenstellingen aan elkaar

✗ a kitchentable

✗ a sportsbag

✓ a kitchen table

a sports bag. ‘Keukentafel’ en ‘sporttas’ schrijf je in het Nederlands als één woord, en de hand doet dat in het Engels ook. Maar een zelfstandig naamwoord als kenmerk staat in het Engels meestal los. Enkele schrijf je wel aan elkaar, zoals toolbox — kijk het per woord na.

3

Een stemloze -ed

Spreek je bored uit als /bɔːt/, dan hoort de luisteraar bought. Goed is /bɔːd/. Zo ook surprised /səˈpraɪzd/, annoyed /əˈnɔɪd/, pleased /pliːzd/. In het Nederlands klinkt een d aan het eind van een woord als t (‘hond’); in het Engels blijft de /d/ stemhebbend, en de klinker ervoor iets langer.

Uitspraak

4 min

-ed spreek je in bijvoeglijke naamwoorden uit volgens de regel van A1 #28. bored /bɔːd/ en surprised /səˈpraɪzd/ — zonder extra lettergreep. De lettergreep /ɪd/ komt er alleen na t en d: interested /ˈɪntrəstɪd/, disappointed /ˌdɪsəˈpɔɪntɪd/, excited /ɪkˈsaɪtɪd/.

interested en interesting — drie lettergrepen, niet vier: /ˈɪntrəstɪd/, /ˈɪntrəstɪŋ/. De klemtoon op de eerste lettergreep, en de e na de t spreek je niet uit.

-ing — /ɪŋ/, zoals in ‘ding’, zonder /k/ of /ɡ/ aan het eind: boring /ˈbɔːrɪŋ/, tiring /ˈtaɪərɪŋ/.

In een reeks bijvoeglijke naamwoorden heeft elk woord klemtoon, maar de hoofdklemtoon ligt op het zelfstandig naamwoord: a lovely old wooden TABLE. Pauzeer niet tussen de bijvoeglijke naamwoorden: het is één groep.

Advertentie

Tekst

5 min

Four stars out of five

I spent months looking for a kitchen table, and last week I finally found one on a second-hand website: a lovely old round wooden table, made in Scotland about seventy years ago. The price was surprisingly low, so at first I was a bit worried. But when it arrived, I wasn't disappointed at all. The wood is in excellent condition, and the four heavy legs are solid.

There was one problem. The legs come off for delivery, so I had to put them back on myself. The instructions were confusing — two pages of tiny drawings and no words — and after an hour I was tired and annoyed. I'm not very good at fixing things, so in the end I rang my brother. He has a big red toolbox, and he's always pleased to help. Ten minutes later the table was standing on its legs.

Now it stands in our small bright kitchen, and everyone who sees it asks where it's from. The seller was friendly and quick to answer questions. If you're interested in old furniture, I can recommend her shop. Just ask her for better instructions!

Hardop lezen

Oefeningen

30 min

1. Woordvolgorde.

  1. I / bought / a / table / wooden / round / lovely
  2. She / was wearing / a / coat / wool / long / black
  3. They / live / in / a / house / old / beautiful / stone
  4. He / drives / an / car / Italian / old / red
  5. My / grandmother / gave / me / a / ring / gold / tiny / old
  6. I / need / a / bag / sports / big / new
Toon de antwoorden
I bought a lovely round wooden table; She was wearing a long black wool coat; They live in a beautiful old stone house; He drives an old red Italian car; My grandmother gave me a tiny old gold ring; I need a big new sports bag

2. Invuloefening.

  1. The lecture was so (bore) that half the students fell asleep
  2. I was (surprise) that the table was so cheap
  3. Are you (interest) in modern art?
  4. After eight hours on the coach we were all very (tire)
  5. The instructions were really (confuse)
  6. We were (disappoint) with the hotel — the room was dirty
  7. It was so (embarrass) — I forgot my new boss's name
  8. I got (annoy) because the bus was late again
Toon de antwoorden
boring; surprised; interested; tired; confusing; disappointed; embarrassing; annoyed

3. Voeg de kenmerken samen tot één reeks

  1. I bought a bag. It's leather, and it's small and brown.
  2. They have a table for the kitchen. It's old and wooden.
  3. She lives in a cottage. It's lovely, and it's made of stone.
  4. He gave me a watch. It's Swiss, and it's expensive.
Toon de antwoorden
I bought a small brown leather bag; They have an old wooden kitchen table / They've got an old wooden kitchen table; She lives in a lovely stone cottage; He gave me an expensive Swiss watch

4. Foutopsporing.

  1. I'm interesting in modern art.
  2. I was really boring at the party, so I went home.
  3. He bought a leather black jacket.
  4. The journey was really tired.
  5. They live in a wooden small house.
  6. We were very disappointing with the hotel.
Toon de antwoorden
I'm interested in modern art; I was really bored at the party, so I went home; He bought a black leather jacket; The journey was really tiring; They live in a small wooden house; We were very disappointed with the hotel

5. Herschrijf

  1. I was bored during the lecture.
  2. We were all surprised by the result.
  3. I was confused by the instructions.
  4. Everyone was disappointed with the hotel.
Toon de antwoorden
The lecture was boring; The result was surprising; The instructions were confusing; The hotel was disappointing

6. Vertaal naar het Engels.

1) Ik verveelde me, dus ik ging naar huis. 2) Ze heeft een mooie oude Italiaanse tas. 3) Ik voelde me heel erg opgelaten. 4) Het was een vermoeiende dag. 5) Hij heeft een duur Zwitsers horloge gekocht. 6) Het nieuws was verrassend, maar ik was niet verrast.

Toon de antwoorden
I was bored, so I went home / I got bored and went home; She's got a beautiful old Italian bag / She has a beautiful old Italian bag; I was very embarrassed / I felt very embarrassed; It was a tiring day; He bought an expensive Swiss watch; The news was surprising, but I wasn't surprised

7. Beantwoord in volledige zinnen

— over jezelf. De antwoorden hieronder zijn een voorbeeld. 1) When did you last feel really surprised? 2) What was the most interesting thing you did last month? 3) What's the most boring thing you have to do every week?

Toon de antwoorden
I felt really surprised last week, when my brother called me from Australia; The most interesting thing was a trip to an old castle; The most boring thing is the weekly shopping
Advertentie

Samenvatting

Behandeld: de volgorde van bijvoeglijke naamwoorden en de logica erachter, een zelfstandig naamwoord als kenmerk, komma en and tussen bijvoeglijke naamwoorden, -ed tegenover -ing en hoe je dat controleert, de werkwoorden get, feel, look erbij. Volgende: les 27 — waar het van afhangt.

Einde van de kern

De les telt als voltooid zodra de oefeningen zijn gedaan. Alles daarna is optioneel.

Les 99

optioneel

Woordenschat voor de kaartenset

15 woorden
  • wooden /ˈwʊdn/ houten
  • leather /ˈleðə/ leren, van leer
  • second-hand /ˌsekənd ˈhænd/ tweedehands
  • furniture /ˈfɜːnɪtʃə/ meubels
  • condition /kənˈdɪʃn/ staat, conditie
  • solid /ˈsɒlɪd/ stevig
  • confusing /kənˈfjuːzɪŋ/ verwarrend
  • disappointed /ˌdɪsəˈpɔɪntɪd/ teleurgesteld
  • annoyed /əˈnɔɪd/ geïrriteerd
  • embarrassing /ɪmˈbærəsɪŋ/ gênant, pijnlijk
  • embarrassed /ɪmˈbærəst/ opgelaten, verlegen
  • tiring /ˈtaɪərɪŋ/ vermoeiend
  • recommend /ˌrekəˈmend/ aanraden, aanbevelen
  • seller /ˈselə/ verkoper
  • toolbox /ˈtuːlbɒks/ gereedschapskist

Schrijven

Zes zinnen — een review van iets wat je onlangs hebt gekocht: hoe het is, hoe het kopen ging, wat je voelde. Minstens één reeks van drie bijvoeglijke naamwoorden, een paar -ed en -ing en één vorm op -ed na get of feel.

Voorbeeld

Last month I bought a small black leather bag from a second-hand shop. It was surprisingly cheap, and at first I was very pleased with it. After a week one of the straps broke, and I felt really disappointed. The shop assistant was friendly, but the repair was annoying and slow. I'm not so interested in second-hand shops now. Next time I'll buy a new bag.

Checklist

Het concept is opgeslagen op dit apparaat
Advertentie

Heb je een idee voor een functie?

Idee versturen
Advertentie
Advertentie