Grammatica ~55 min van de kern over

Over verplichting en kunnen praten

Na deze les kun je

Ik kan precies zeggen wat ik moet, wat ik niet hoef en wat me gelukt is.

Start de les Kern 55 min · stappen: 6 · optioneel: +2

Opgegeven kerntijd. Twee van de kernblokken hebben geen tijdsaanduiding, dus de echte les duurt langer dan deze som.

Grammatica

16 min

Deze les brengt twee onderwerpen samen die op A2 onvolledig bleven. Het eerste: kunnen en slagen — can (A1 #20) heeft te weinig vormen. Het tweede: regels — bij must, have to (A2 #10) en should (A2 #11) komen ‘zo hoort het’, ‘zo mag het’ en ‘dat hoeft niet’.

be able to — kunnen in elke tijd. can heeft maar twee vormen: can en could. Een toekomende tijd, een Present Perfect of een vorm na een ander werkwoord heeft het niet — daar werkt be able to.

toekomst I'll be able to swim by the summer.
Present Perfect I haven't been able to sleep this week.
na een ander werkwoord I'd like to be able to speak French.
na een modaal werkwoord You might be able to get a ticket online.
verleden tijd I wasn't able to come yesterday.

In de tegenwoordige tijd zeg je meestal can: I can swim klinkt natuurlijker dan I'm able to swim.

Kon je het, of lukte het? In de verleden tijd maakt het Engels een onderscheid dat in het Nederlands samenvalt in één woord: ‘kon’. could — kunnen in het algemeen, gedurende een bepaalde periode: I could read when I was four. Slagen in één concreet geval — was able to of managed to. managed to benadrukt: het was moeilijk, maar het is gelukt.

I could swim when I was six. Ik kon zwemmen toen ik zes was.
The water was cold, but I managed to swim to the boat. Het lukte me om naar de boot te zwemmen — die ene keer.

In de ontkenning is dat verschil er niet, couldn't past altijd: I couldn't find my keys this morning. Met de waarnemingswerkwoorden see, hear is could ook bij één geval normaal: I could hear music next door.

was able to en managed to zijn in een bevestigende zin bijna gelijk, maar managed to zegt het uitdrukkelijk: er was een moeilijkheid en het kostte moeite. Daarom staan er zo vaak but en in the end bij: It took three hours, but in the end we managed to fix it. Was er geen moeilijkheid, dan zeg je gewoon de Past Simple: I finished the report on Friday.

be supposed to — zo hoort het, zo is het afgesproken. De verplichting komt niet van de spreker en niet van de wet, maar van regels, afspraken of de verwachtingen van anderen. Het Nederlandse ‘horen te’ ligt er dichtbij. You're supposed to take your shoes off in the house. — zo is het gebruikelijk. I'm supposed to be at work at nine. — zo is het afgesproken. Vaak hoor je in deze vorm dat het in werkelijkheid anders loopt: I'm supposed to be working, but I'm watching football. In de verleden tijd is het bijna altijd ‘het zou…, maar het gebeurde niet’: The train was supposed to arrive at six. — maar hij kwam om zeven uur. not supposed to — een zacht verbod volgens de regels, zachter dan mustn't: You're not supposed to park here. supposed is hier een bijvoeglijk naamwoord, en daarom is be altijd nodig: I'm supposed to, Were we supposed to…?

Vergelijk met have to. I have to be at work at nine — ik heb geen keus: kom ik te laat, dan krijg ik problemen. I'm supposed to be at work at nine — dat is de regel, maar het klinkt alsof je die kunt overtreden, en misschien doe ik dat ook. Daarom past be supposed to goed als je uitlegt waarom iets niet volgens plan is gegaan.

be allowed to — zo mag het, het is toegestaan. De toestemming komt van iemand anders: regels, de wet, ouders, de baas. allowed is de derde vorm van allow ‘toestaan’, dus qua bouw is dit een lijdende vorm, bekend van het bordje Pets aren't allowed (A2 #19): niet ‘ik sta toe’, maar ‘het is mij toegestaan’. be verandert per persoon en per tijd, allowed to + werkwoord blijft hetzelfde.

bevestiging We're allowed to use dictionaries in the exam.
ontkenning You aren't allowed to smoke on the train.
vraag Are we allowed to take photos?
verleden tijd I wasn't allowed to stay out late as a child.
toekomst Next year students will be allowed to use phones in class.

can of be allowed to? In de tegenwoordige tijd zeg je voor toestemming vaak gewoon can: You can park here after six. be allowed to benadrukt dat de toestemming van regels of van een ander komt, en klinkt daarom preciezer als je regels meedeelt of ernaar vraagt: Are we allowed to bring food into the museum? In de toekomende tijd en de Present Perfect heeft can geen vorm, en dan is be allowed to verplicht — net als be able to: Will we be allowed to park here? Over het verleden ligt de grens net als bij could en managed to: could — toestemming in het algemeen, voor een lange tijd (As a child I could watch TV until nine), was allowed to — toestemming in één geval (Yesterday we were allowed to leave early).

supposed to of allowed to? Beide gaan over regels, maar ze zeggen iets anders. supposed to — wat je hoort te doen, allowed to — wat mag. In de ontkenning zit het verschil in de kracht:

You're supposed to wear a helmet. zo hoort het: een verplichting
You're allowed to bring one bag. zo mag het: een toestemming
You're not supposed to park here. zo hoort het niet — zacht, en veel mensen parkeren er toch
You're not allowed to park here. verboden — direct, zonder voorbehoud

don't need to — het is niet nodig. Dit is hetzelfde als don't have to (A2 #10): je hoeft het niet te doen. need is hier een gewoon werkwoord met to, daarom maak je de ontkenning, de vraag en de verleden tijd met do: You don't need to come tomorrow. Does she need to bring anything? We didn't need to wait. Verwar het niet met mustn't en not allowed to — ‘niet mogen’: You don't need to come — je hoeft niet te komen; You aren't allowed to come — je mag niet komen.

De hele schaal in één voorbeeld:

I must finish today. zo heb ik het zelf besloten
I have to finish today. de omstandigheden eisen het
I'm supposed to finish today. zo is het afgesproken — maar lukt het?
I should finish today. dat zou goed zijn
I'm allowed to finish tomorrow. ik mag het morgen afmaken
I don't need to finish today. het hoeft niet
I mustn't forget the figures. het mag niet

Zo zeg je het niet. ✗ We didn't need come so early → ✓ We didn't need to come so early. didn't need is een gewoon werkwoord, en daarna is to nodig.

Test jezelf. could of managed to: ‘het was moeilijk, maar ik heb de trein gehaald’? Wat betekent The film was supposed to start at eight? Hoe zeg je ‘we mogen op het werk onze telefoon niet gebruiken’?

toon de antwoorden
managed to — slagen in één geval: It was difficult, but I managed to catch the train; de film zou om acht uur beginnen, maar begon later of helemaal niet; We aren't allowed to use our phones at work / We're not allowed to use our phones at work.
Advertentie

Fouten van Nederlandstaligen

geschreven voor jouw taal
1

‘Zal kunnen’ als will can

‘Ik zal kunnen zwemmen’ → ✗ I will can swim → ✓ I'll be able to swim. In het Nederlands staan ‘zullen’ en ‘kunnen’ zonder problemen naast elkaar, en dan bouw je hetzelfde met will en can. In het Engels staan twee modale werkwoorden nooit na elkaar; die tweede plaats neemt be able to in. Zo ook ‘ik heb niet kunnen slapen’ → ✓ I haven't been able to sleep: een Present Perfect van can bestaat niet.

2

‘Kon’ voor een eenmalig succes

‘Het examen was moeilijk, maar ik kon het halen’ → ✗ The exam was hard, but I could pass it → ✓ The exam was hard, but I managed to pass it / I was able to pass it. ‘Kon’ past in het Nederlands voor allebei, en daarom lijkt could de precieze vertaling. Maar in een bevestigende zin betekent could kunnen in het algemeen, niet ‘die keer is het gelukt’. Denk aan ‘het is me gelukt’: dat is managed to.

3

‘Zou’ voor een plan dat niet doorging

‘De trein zou om zes uur aankomen’ → ✓ The train was supposed to arrive at six; ‘we zouden om zes uur afspreken’ → ✓ We were supposed to meet at six. Het Nederlandse ‘zou’ trekt naar would, maar The train would arrive at six vertelt niet over een plan dat misliep. Die betekenis van ‘zou’ is in het Engels was supposed to.

4

‘Het is niet toegestaan…’

‘Het is niet toegestaan om hier te roken’ → ✗ It isn't allowed to smoke here → ✓ You aren't allowed to smoke here. De Nederlandse zin begint met ‘het’, en dat neem je mee naar het Engels. Maar bij be allowed to is het onderwerp degene die iets mag of niet mag: You aren't allowed, Passengers aren't allowed. Wil je het verbodene zelf als onderwerp, dan zo: Pets aren't allowed; op een bordje staat gewoon No smoking.

Uitspraak

4 min

supposed to — /səˈpəʊs tə/: de -d en de t smelten samen tot één /t/. De eerste lettergreep is onbeklemtoond — /sə/, de klemtoon valt op de tweede: su-POSED.

able — /ˈeɪbl/, met een beklemtoonde /eɪ/, zoals in table. be able to spreek je in zijn geheel uit, in één adem: /bi ˈeɪbl tə/; to is zwak — /tə/.

managed to — /ˈmænɪdʒ tə/: de /d/ vóór /t/ valt bijna weg. Net zo in allowed to /əˈlaʊd tə/: /d/ en /t/ smelten samen, zoals in supposed to. allowed klinkt als loud met een zwakke /ə/ ervoor — en precies zoals aloud ‘hardop’.

Advertentie

Tekst

5 min

Hi Claire,

I'm afraid the report isn't ready yet. I was supposed to send it to you yesterday, but I wasn't able to finish it. At four o'clock my laptop suddenly stopped working, and nobody in IT could fix it the same day.

The good news is that I managed to save most of the file — I only lost the last two pages. Sam has lent me his old laptop, and I'm allowed to keep it until Friday, so I'll be able to finish everything this morning. You'll have it by twelve.

You don't need to move the meeting with the client. The figures are all correct — I checked them twice on Monday. But I'm supposed to show the report to Mark first, and he's working from home today. Do you need to see it too, or can I send it straight to him?

One more thing: we're not supposed to leave laptops in the office overnight, but mine stayed there because it wasn't working. I hope that's all right.

Sorry again, Ben

Hardop lezen

Oefeningen

30 min

1. Invuloefening.

  1. I swim when I was five. (kon het, in het algemeen)
  2. Don't worry, you drive by the summer. (toekomst)
  3. I haven't sleep well since we moved
  4. She speak three languages. (nu)
  5. I'd like to play the piano
  6. I'm sorry, I come to your party last Saturday. (het lukte niet)
  7. If you call the hotel, you might get a cheaper room
Toon de antwoorden
could; will be able to; been able to; can; be able to; couldn't / wasn't able to; be able to

2. Meerkeuze.

  1. My grandmother read without glasses until she was ninety
  2. The traffic was terrible, but we get to the airport on time
  3. The door was locked, but the firefighters get in through the window
  4. When I was young, I run ten kilometres easily
  5. The exam was really difficult, but she pass it
Toon de antwoorden
could; managed to; managed to; could; managed to

3. Herschrijf met be able to

  1. I can drive. (next year)
  2. She can't come to the meeting. (yesterday)
  3. I can't sleep. (this week — Present Perfect)
  4. We can visit you. (in the summer)
  5. He can't find a job. (since March — Present Perfect)
Toon de antwoorden
I'll be able to drive next year / I will be able to drive next year; She wasn't able to come to the meeting yesterday; I haven't been able to sleep this week; We'll be able to visit you in the summer / We will be able to visit you in the summer; He hasn't been able to find a job since March

4. Herschrijf met be supposed to.

  1. The rule is: take your shoes off at the door.
  2. We agreed to meet at six, but he isn't here.
  3. The timetable says the train arrives at five, but it's late.
  4. You can't park here — it's against the rules.
  5. I should be studying now, but I'm watching TV.
Toon de antwoorden
You're supposed to take your shoes off at the door / You are supposed to take your shoes off at the door; We were supposed to meet at six, but he isn't here / We were supposed to meet at six; The train was supposed to arrive at five, but it's late / The train is supposed to arrive at five, but it's late / The train was supposed to arrive at five; You're not supposed to park here / You aren't supposed to park here / You're not supposed to park here — it's against the rules / You aren't supposed to park here — it's against the rules; I'm supposed to be studying now, but I'm watching TV

5. Herschrijf met be allowed to of don't need to.

  1. It isn't necessary to bring food — there's a café.
  2. It wasn't necessary for us to wait — the doctor saw us at once.
  3. The rules say you can't take photos in the museum.
  4. As a child, I couldn't stay out after nine — my parents said no.
  5. From next year students can use phones in class. (toekomst)
  6. Can we bring our own drinks into the cinema? (vraag naar de regels)
Toon de antwoorden
You don't need to bring food — there's a café / You don't need to bring food; We didn't need to wait — the doctor saw us at once / We didn't need to wait; You aren't allowed to take photos in the museum / You're not allowed to take photos in the museum / We aren't allowed to take photos in the museum / We're not allowed to take photos in the museum; As a child, I wasn't allowed to stay out after nine / As a child, I wasn't allowed to stay out after nine — my parents said no / When I was a child, I wasn't allowed to stay out after nine; From next year students will be allowed to use phones in class / Students will be allowed to use phones in class from next year; Are we allowed to bring our own drinks into the cinema?

6. Foutopsporing.

  1. I will can drive next year.
  2. The exam was hard, but I could pass it.
  3. I supposed to be at work at nine.
  4. It isn't allowed to take photos here.
  5. We didn't need come so early.
Toon de antwoorden
I'll be able to drive next year / I will be able to drive next year; The exam was hard, but I managed to pass it / The exam was hard, but I was able to pass it; I'm supposed to be at work at nine / I was supposed to be at work at nine; You aren't allowed to take photos here / You're not allowed to take photos here / We aren't allowed to take photos here / We're not allowed to take photos here; We didn't need to come so early

7. Beantwoord in volledige zinnen

— over jezelf. De antwoorden hieronder zijn een voorbeeld. 1) What would you like to be able to do? 2) What difficult thing did you manage to do last month? 3) What are you supposed to do every day that you don't always do? 4) What weren't you allowed to do as a child?

Toon de antwoorden
I'd like to be able to play the guitar; I managed to finish a difficult project at work; I'm supposed to go to the gym three times a week, but I usually go once; As a child, I wasn't allowed to watch TV after nine

8. Vertaal naar het Engels.

1) Over een maand zal ik vloeiender Engels kunnen spreken. 2) Het was moeilijk, maar we hebben de laatste trein nog gehaald. 3) De trein zou om zes uur aankomen. 4) Je hoeft morgen niet te komen. 5) Je hoort hier niet te roken.

Toon de antwoorden
In a month I'll be able to speak English more fluently / In a month I'll be able to speak English more freely; It was difficult, but we managed to catch the last train; The train was supposed to arrive at six; You don't need to come tomorrow; You're not supposed to smoke here / You aren't supposed to smoke here
Advertentie

Samenvatting

Behandeld: be able to in alle tijden en na andere werkwoorden, could tegenover managed to en was able to; regels — be supposed to in de tegenwoordige en de verleden tijd, be allowed to tegenover can en not supposed to, don't need to tegenover mustn't, de hele schaal van verplichting. Volgende: les 12 — herhaling van de lessen 7–11.

Einde van de kern

De les telt als voltooid zodra de oefeningen zijn gedaan. Alles daarna is optioneel.

Les 84

optioneel

Woordenschat voor de kaartenset

14 woorden
  • be able to /bi ˈeɪbl tə/ kunnen, in staat zijn
  • manage to /ˈmænɪdʒ tə/ erin slagen, het lukt (me) om
  • be supposed to /bi səˈpəʊs tə/ horen te, zouden (volgens de regels of een afspraak)
  • be allowed to /bi əˈlaʊd tə/ mogen (met toestemming)
  • laptop /ˈlæptɒp/ laptop
  • fix /fɪks/ repareren, maken
  • save /seɪv/ opslaan, bewaren
  • file /faɪl/ bestand
  • figures /ˈfɪɡəz/ cijfers
  • straight /streɪt/ direct, meteen
  • overnight /ˌəʊvəˈnaɪt/ de hele nacht, 's nachts
  • glasses /ˈɡlɑːsɪz/ bril
  • firefighter /ˈfaɪəfaɪtə/ brandweerman
  • locked /lɒkt/ op slot, afgesloten

Schrijven

Vijf à zes zinnen over een dag die niet volgens plan liep: wat je zou doen, wat je niet kon, wat toch lukte en wat nu niet meer hoeft.

Voorbeeld

Yesterday I was supposed to meet a client at ten, but I wasn't able to get there on time. There was an accident on the motorway, and the traffic didn't move for an hour. I managed to call the client from the car, and she was very kind about it. In the end we had the meeting online. So now I don't need to drive to her office next week. I hope I'll be able to meet her in person next month.

Checklist

Het concept is opgeslagen op dit apparaat
Advertentie

Heb je een idee voor een functie?

Idee versturen
Advertentie
Advertentie